Het terras is de reden dat je steeds terugkomt
Karavaan is in de basis simpel: als de zon er is, wil je hier zitten. Het terras pakt het licht vroeg en houdt het lang vast. Dat maakt het zo’n plek waar je ontbijt vanzelf lunch wordt, en lunch vanzelf borrel — niet omdat je dat plant, maar omdat je stoel niet roept dat je weg moet.
Binnen voelt het alsof je door een mini-landschap loopt
Zodra je naar binnen gaat, merk je dat dit niet “weer een café” is. Studio Modijefsky heeft het interieur opgebouwd als een soort reizende route: verschillende zones met elk een eigen gevoel. Je hoeft niet precies te onthouden wat nou ‘bos’ of ‘woestijn’ is — je merkt het aan materialen, kleuren en hoe de ruimte ineens kleiner of juist ruimer aanvoelt. Daardoor werkt Karavaan ook op grijze dagen: je zit niet alleen binnen, je zit ergens.
Buiten kom je voor de zon, binnen blijf je hangen omdat het café zelf al een kleine trip is.

Een buurtplek die niet doet alsof hij één ding is
Karavaan is geen koffiecorner die toevallig eten heeft, en ook geen restaurant dat toevallig koffie schenkt. Het is juist de mix die klopt: je kunt er landen met koffie, aanschuiven voor lunch, en later blijven zitten met een drankje zonder dat de sfeer ineens omslaat. Dat maakt het ook makkelijk afspreken: iedereen kan aanhaken op zijn eigen moment, zonder dat je het “diner” of “borrel” hoeft te noemen.
Waarom dit plein ermee wint
Op het Kwakersplein werkt Karavaan als een soort anker: mensen waaien aan, blijven even, praten bij, en het plein voelt meteen levendiger. Het is niet een plek die schreeuwt om aandacht — het is een plek die je vanzelf kiest omdat het praktisch én prettig is: zon als het kan, binnen sfeer als het moet.