Er zijn broodjeswinkels, en dan is er Leauf Spui. Het concept is simpel genoeg: verse sandwiches, gemaakt op het moment dat je bestelt. Maar wat er tussen het brood gaat, is een ander verhaal. Ribeye, kimchi, vijgen, bloedperzikjes die je anders alleen in een sterrenrestaurant tegenkomt. De zaak noemt zijn sandwiches zelf ‘Leaufs’, heeft een eigen taalgebruik en positioneert zich als ’too good for Paris’. Parijse inspiratie, maar Amsterdam als thuis. De tweede vestiging aan het Spui, na de originele in de Jordaan, laat zien dat dit geen eenmalig experiment is.
Achter Leauf zitten twee jonge Amsterdammers. Gijs Dominicus (26 bij de opening) brengt keukenervaring mee uit de wereld van de Michelin-sterren. Die precisie, dat gevoel voor ingrediënten en techniek, zie je terug in wat er op het menu staat. Mats Hageman (24 bij de opening) regelt de hospitality-kant: hoe een zaak aanvoelt, hoe gasten worden ontvangen. Samen vormen ze een duo dat boven zijn leeftijd uitstijgt. Het Parool pakte het concept op als een vernieuwende broodjesformule die buiten de gebaande paden denkt, en dat klopt.
De filosofie van Leauf is kort samen te vatten: simpel, gedurfd en lekker. Het menu wisselt maandelijks, afgestemd op seizoensproducten en wat er op dat moment mooi en bijzonder is. Dat betekent dat je in de zomer bloedperzikjes op je sandwich kunt vinden, en in het najaar vijgen. Nooit hetzelfde, altijd doordacht. De zaak aan het Spui is compact, zoals een goede lunchplek dat hoort te zijn. Geen overbodige ruimte, geen afleiding. De aandacht gaat naar wat er op tafel komt.
De ribeye sandwich is het meest directe statement: dit is geen kroket van de frituur maar gesneden vlees met karakter.
Het Spui is een goede plek voor Leauf. De buurt trekt studenten, kantoorwerkers en mensen die even pauze nemen van de stad. Een lunchzaak die iets meer biedt dan het gebruikelijke, past daar precies. De Jordaan-vestiging in de Tweede Goudsbloemdwarsstraat was het beginpunt, maar het Spui voelt als de bevestiging: dit concept heeft ruimte nodig, en verdient het ook. Gijs en Mats zijn jong, maar de broodjes spreken voor zich.