Elke ochtend rond half tien klapt de eerste kraam open op de Albert Cuypstraat. Dat is al zo sinds 1905, toen de gemeente besloot dat de wildgroei van illegale straathandel in De Pijp maar beter georganiseerd kon worden. Sindsdien is de markt uitgegroeid tot de grootste dagmarkt van Europa: 1,5 kilometer lang, meer dan 260 kramen naast elkaar, zes dagen per week.
Wat je hier vindt? Bijna alles. Vers fruit en groenten van lokale en internationale leveranciers, Nederlandse ambachtelijke kazen waarover bezoekers al decennia superlatieven gebruiken, Hollandse nieuwe haring rechtstreeks van de kraam, en verse stroopwafels die ze voor je neus bakken. Die geur alleen is al een reden om te komen. Bloemen en planten in elke kleur, stoffen en kleding voor wie weet wat hij zoekt, typische Hollandse producten voor wie iets mee naar huis wil nemen. De markt heeft het allemaal, zonder er ingewikkeld over te doen.

De straat zelf is breed genoeg voor een dubbele rij kramen en een stroom mensen die langzaam schuifelt van de Ferdinand Bolstraat richting de Van Woustraat. Of andersom. Er is geen dak, geen hal, geen klimaatbeheersing. Gewoon buiten, op straat, zoals het altijd al was. Dat geeft de markt zijn karakter. Op drukke zaterdagen voel je hoe De Pijp leeft: buren die elkaar tegenkomen, studenten die de goedkoopste appels zoeken, mensen die al jaren bij dezelfde kaasboer kopen.
Verse stroopwafels direct van de kraam zijn een van die kleine dingen die het leven in deze stad net iets beter maken.
Bereikbaar via de Noord-Zuidlijn of tramlijnen 4 en 24, dus een excuus om niet te gaan heb je eigenlijk niet. De markt is open van maandag tot en met zaterdag. Kom vroeg als je de rust wilt, kom laat als je van de chaos houdt. Maar kom. Want verse stroopwafels direct van de kraam zijn een van die kleine dingen die het leven in deze stad net iets beter maken.