Goochelaars die van de marktplaats naar het theater trokken en wereldsterren werden. Dat is in het kort wat er rond 1900 gebeurde, en Joodse artiesten speelden daarin een hoofdrol. De tentoonstelling Abracadabra in het Joods Museum laat zien hoe die sprong tot stand kwam, wie erachter zaten, en wat hen dreef. Geen droge geschiedenisles, maar een expositie waar je zelf achter de schermen kijkt en je handen uit de mouwen steekt.
De bekendste naam is Harry Houdini, de ontsnappingskoning die zijn publiek keer op keer versteld deed staan. Houdini is een van de centrale figuren in Abracadabra, samen met Horace Goldin, beroemd om zijn spectaculaire zaagillusies, en het legendarische duo Alexander en Adelaide Herrmann. Vier namen die in de goochelwereld klinken als klokken, en die hier voor het eerst in samenhang worden gepresenteerd als vertegenwoordigers van een specifieke culturele traditie.

Het Joods Museum is zelf al een bijzondere plek voor zo’n tentoonstelling. Het complex bestaat uit vier gerestaureerde synagogen uit de 17e en 18e eeuw, in het hart van de stad. Die historische context geeft de verhalen over Houdini en zijn tijdgenoten extra lading: dit zijn artiesten die opgroeiden in een wereld vol beperkingen en drempels, en die via het podium een plek voor zichzelf opeisten.
De familie Bamberg was zes generaties lang actief als goochelaars, een Nederlands-Joodse goochelaarsdynastie zonder weerga, en juist die lange lijn maakt hun verhaal zo sterk.
De familie Bamberg was zes generaties lang actief als goochelaars, een Nederlands-Joodse goochelaarsdynastie zonder weerga, en juist die lange lijn maakt hun verhaal zo sterk. Abracadabra loopt van 25 september 2026 tot en met 29 maart 2027. Lang genoeg om er rustig voor te gaan, maar ook lang genoeg om het te vergeten als je niet oppast. Noteer het nu.